Wetgeving
Zoals
eerder aangekondigd is de Arbo wet ingrijpend veranderd,
zeker op het gebied van de bedrijfshulpverlening. De
veranderingen zijn een reeks van verbeteringen om de
ingewikkelde en vooral administratieve handelingen
te verruilen naar een meer praktisch, goedkoper en
doelmatig veiligheidsbeleid. Het kabinet heeft de verantwoordelijkheid voor goede
arbeidsomstandigheden bij zowel de werknemers als
de werkgevers teruggelegd. Hierdoor wordt het mogelijk
dat de betrokken partijen zelf invulling aan het
Arbo-beleid mogen geven.Met de wijziging beoogd het
kabinet de volgende vier belangrijke resultaten.
|
|
Ruim tweederde van de Arbo wetgeving
wordt geschrapt, alle door Europa opgelegde regels
blijven gehandhaafd. |
| |
|
 |
De administratieve lastendruk
voor werkgevers dient te verminderen met minimaal
25%. |
| |
|
 |
De inzet van de Arbeidsinspectie
dient effectiever en doelmatiger ingezet te worden,
meer van de zogenaamde projectcontroles. |
| |
|
 |
De versoepeling van de Arbo
regels voor vrijwilligers en thuiswerkers,
waarbij de bescherming tegen ernstige arbeidsrisico’s dient te blijven
bestaan. |
| |
|
 |
Uitgangspunt blijft de RI&E
en/of de arbeidscatologie. |
Gevolgen voor de bedrijfshulpverlening
De regelgeving over de deskundige bijstand op het
gebied van bedrijfshulpverlening wordt zoveel als
mogelijk in lijn gebracht met de Europese wetgeving,
de nationale aanvullende bepalingen zullen zo veel
als mogelijk worden geschrapt.
De Europese richtlijn 89/391/EEG spreekt onder andere
van:
|
|
één of meerdere
werknemers die een specifieke taak hebben op
het gebied van de veiligheid
en de gezondheid van de werknemers die-, |
| |
|
 |
afhankelijk van de grootte
van het bedrijf, de risico’s e.d. en |
| |
|
 |
op basis van risico’s
die nooit kunnen worden voorkomen, |
| |
|
 |
aangewezen worden en belast
zijn met het in praktijk brengen van maatregelen
op het gebied van eerste hulp, brandbestrijding
en evacuatie van werknemers, ernstig en onmiddellijk
gevaar, |
| |
|
 |
recht hebben op een passende
opleiding, die indien nodig, op gezette tijd
worden herhaald. |
Zoals hierboven staat vermeld betekent dat er in
de praktijk niet echt schokkende veranderingen plaatsvinden,
eerder dan dat de regering zich houdt aan de afspraak
dat er minder regels op schrift dienen te staan.
Hetgeen resulteert in het verdwijnen van de Arbo
beleidsregels. De aanvullende Nederlandse beleidsregels
op het gebied van bedrijfshulpverlening vervallen,
namelijk:
|
|
de nationale getalsnorm van één
BHV-ér op de 50 werknemers, het juiste
aantal BHV- ers wordt in de toekomst bepaald
aan de hand van de beschreven
risico’s in de RI&E en arbocatologie. |
| |
|
 |
de RI&E en BHV-verplichting
voor vrijwilligersorganisaties (indien van
geen ernstig arbeidsrisico’s sprake is). |
| |
|
BHV WORDT DUS MAATWERK Het opstellen van een risico Inventarisatie & evaluatie
Hieruit kan men dan bijvoorbeeld bepalen hoeveel
BHV- ers voor uw bedrijf nodig zijn. De belangrijkste
criteria zijn;
|
|
De kans dat een ongewenste
gebeurtenis zich voordoet; |
| |
|
 |
Het effect van de ongewenste
gebeurtenis, |
| |
|
 |
De mate van afwendbaarheid
van de ongewenste gebeurtenis, denk hierbij
aan de mate van bekendheid van de aanwezigen
met de situatie ter
plaatse, en aan de verhouding tussen het eigen personeel en de andere aanwezigen; |
| |
|
 |
De mate van beheersbaarheid
van een ongewenste gebeurtenis, denk hierbij
aan de eventuele beperkingen in de mobiliteit
van de aanwezigen (kinderen, patiënten,
ouderen, gevangenen e.d.) |
Oefeningen
De bedrijfshulpverleners nemen deel aan herhalingscursussen,oefeningen
of andere activiteiten met zodanige inhoud en frequentie
dat hun kennis en vaardigheden op het gebied van
de BHV tenminste op het vereiste niveau gehandhaafd
blijft.
De Arbowet geeft aan dat regelmatig ( doch minimaal
1 x per jaar ) oefeningen gehouden moeten worden
om het kennisniveau van de BHV-ers op peil te houden.
Afhankelijk van de risico’s, de grote of de
complexiteit van uw onderneming dienen dus met regelmaat
oefeningen en (bij)scholing plaats te vinden.
Het opstellen van scenario’s, uitzetten van
oefeningen, begeleiding- en evaluatie van een ontruimingsoefening
alsmede de eindrapportage worden door ons verzorgd.
Door middel van het oefenen kan het bedrijfsnoodplan
of ontruimingsplan bijgesteld worden.
|